zaterdag 15 juli 2017

Ben je alleen of....

Wanneer ik niet begrepen ben, ligt dat aan mij. Ik ben namelijk niet zo goed in het afgeven van de juiste signalen. Ik hou van jullie allemaal, duidelijker kan ik niet zijn.

Zo, dat gezegd hebbende..... Ik heb volgens mij ook ooit eens gezegd dat het hebben van kanker een ziekte is, die je alleen draagt. Die woorden, als ik die al gezegd zou hebben, moet ik terugnemen dus. De ziekte heb je met z'n allen. Jij, je direkte omgeving, je niet-direkte omgeving en verder, iedereen die je kent.

Wat je wel alleen mag doen is sterven. Net als geboren worden, doe je dit in je eentje. Misschien weggewuifd door anderen, maar gaan, doe je helemaal alleen. Daar ga je dan. Houdoeeeee!

Nu lijkt het erop dat het me allemaal van een leien dakje gaat. Nee! Het gaat niet van een leien dakje. Ik laat het misschien zo doen overkomen, maar niets is minder waar. De pijn in de spieren, de gewrichten, de teloor gegane spiermassa, de stemmingswisselingen de ik-weet-niet-wat-nog-meer voor bijwerkingen die doen mij eraan herinneren dat ik niet helemaal gezond ben. Overigens, als die bijwerkingen worden veroorzaakt door de behandeling(en), niet door de kanker op zich. Iedereen die kanker heeft, heeft op detail nivo andere, unieke, ervaringen. Generieke bijwerkingen, zoals smaakverlies, haaruitval, zijn voor iedereen hetzelfde. Maar worden door elk persoon weer anders ervaringen. Althans, dat is mijn ervaring :p De oorzaak van al deze ellende is legio. Daarom breng ik het voor gemak terug naar een wat simpelere benadering.

De oorzaak van alle kankers kan gezocht en gevonden worden in:
1. Voeding (incl mogelijke genotsmiddelen)
2. Levenswijze
En dan mag men ook bedenken dat eenieder apart reageert op elk van de oorzaken.En juist dat, die Voeding en Levenswijze, doe je meestal niet alleen. Dat behoor je te doen in gezelschap.

Doodgaan

Sinds ik (ernstig) ziek ben, denk ik er weleens over na: Alles gaat 'n keer dood. Of je nu een bloemetje bent of een walvis. Ja, óók jij ja! Walvis.....!


1, 2 Hup!

Zo ook ik. Het is niet de vraag óf ik doodga maar wannéér ik doodga. En dat geldt ook voor jullie. Alleen, mij is verteld dat mijn speelveld 1 voetbalveld is, en jullie gaan er vanuit dat jullie speelveld misschien wel 4 voetbalvelden groot is. Daar gaan jullie van uit....misschien is jullie speelveld wel 1 voetbalveld, of een kwart. Dat geldt ook voor mij.


Normaal gesproken is het mij toegezegde speelveld tig maal kleiner dan dat van jullie, de gezonde mens :p Maar misschien heb ik maar een speelveld van een half voetbalveld. Wie zal het zeggen. Wie kán het zeggen. Niemand voor zover ik weet. En, eerlijk gezegd, boeit het me voor geen meter.  Als het tijd is is het tijd. Je kunt beter niet weten wannéér dat tijdstip er is.  Uit ervaring weet ik al een beetje dat dát niet leuk is. Het is niet leuk te weten dat je tijd er bijna opzit. Laat staan dat het leuk is dat je wéét wanneer je tijd eropzit. Tot op de seconde nauwkeurig. Dan ga je af zitten tellen. En geloof me, er is geen barst aan aftellen. Daar zit je dan: 1020, 1019, 1018 enzovoort enzovoort. Je hebt geen tijd meer voor de léuke dingen in het leven. Oh wat een mooie bloem! 1010, 1009, 1008......... Nee, het onverwachte, dat avontuurlijke, dát is pas fun!


PATS! dat vliegtuig op je kop of die trein op je achterbumper. Het is dan de vraag wát er gebeurd. Ik heb het daar al eens eerder over gehad. In het ergste geval belandt ik op een wolkje met een harpje. Moet ik dát ook weer leren, harp spelen. Ook moet ik leren vliegen, dat lijkt me gaaf. Vliegen over alles heen en misschien wel dóór alles heen :)


Hoe dan ook, ik heb een speelveld. Een klein speelveld weliswaar, mar het is een speelveld. SPEEL veld. En dus ga ik erop spelen. Spelen tot ik er dood bij neerval. Eigenlijk een raar woord he, dat dood. Maar zo is het nu eenmaal. Je sterft en gaat dood.  Dat is normaal. Echter, iedereen wéét dat ik alles behalve normaal doe. Misschien ga ik éérst dood en sterf dan. Wie gaat het zeggen? Of beter, wie DURFT het mij te vertellen? :p

Kaas

De vraag hoe of dat het met me gaat, gaat tegenwoordig steevast gepaard met het , zelfgegeven antwoord "Goed zeker, gezien de omstandigheden!".

En ja, het gaat goed, gezien de omstandigheden. Die vraag echter, is aan het verdwijnen. Het heeft plaats gemaakt voor "Je ziet er goed uit!"  En ja, ik zíe er ook goed uit, al zeg ik het zelf. Eigenlijk, zie ik er best wel geweldig uit. Lekker zelfs. Als je van belegen houdt :p


Het is net als met kaas. Je hèbt er, die houden alleen maar van jonge kaas. Dan heb je er óók, die van stinkkaas houden. Maar je hèbt er, die houden van belegen kaas.


 Even terzijde, je hebt er ook, die houden van bitterballen. Je kent die figuren wel, van recepties en zo. De eerste de beste bitterbal die ze zien verdwijnt zó van de schaal in de mond van de zichzelf achtergesteld voelende bitterbal liefhebber. Die bal is héét (wat wil je). Al balancerend met die bal tussen de onder - en bovenkaak, al dan niet gepaard gaande en met wapperende handjes en openstaand mondje (hoe ge-etiquetteerd kan je zijn) met Oeh! Oeh! geluid, weten ze dat hete geval tóch nog in de maag te krijgen. Al dan niet met blijvende schade aan de binnenkant van de mond en slokdarm. Ik dwaal weer af.
Dit zijn trouwens óók die klanten die bij een buffet hun bordje overvol laden om vervolgens de helft weer weg te knikkeren. Vergezeld van een mislukte, door henzelf bedachte hautaine wereldburgerblik met bijbehorend uitbuiklichaamstaal en tandenstoker. Walgelijk is dit type mens (en gevolg)! Eigenlijk(?) zou je dit soort mens een condoom willen geven met bijbehorende tekst: "Gebruik dit condoom! Het voorkomt dat jouw soort zich uitbreidt!" Ik dwaal wéér af.


Wat ik wil zeggen is, dat wèlke vraag je ook stelt, het is àltijd de góede vraag. Het gaat er om, dát je de vraag stelt. Dát je interesse toont. Dàt, is weer wat ík heb geleerd de afgelopen 2 jaar :)

Bijwerken

Het is alweer ff geleden dat ik 's een serieus aanvoelend berichtje heb geplaatst hier.

 
Is er dan niks gebeurd? Nou nee, zó wil ik het ook weer niet stellen. Ik heb wat last van een hoestje erbij gekregen. En dat hoestje wordt gekoppeld aan mijn longen en dus, worden die onderzocht nu. Eer het zover kwam zijn er weer een paar weken voorbijgegaan. Dat laatste is ook iets. De dagen gaan aan me voorbij. Voor ik het weet mag ik weer naar bed. Het wordt saai. Dag-Licht, Dag-Licht enzovoort.

Maar goed, dat hoestje hè. Ikzelf geef de schuld aan mijn, inmiddels sterk verminderde,
afweermechanisme. Dat werkt niet naar behoren. Kennelijk heeft dit afweermechanisme een behoorlijke tik gekregen tijdens de Chemo- danwel Hormoonbehandelingen. Om van de bestraling maar niet te spreken. Hoe dan ook, het minste of geringste virusje vindt kennelijk zijn/haar weg door mijn lijfje. en blijft dan hangen, want er is niet een soort van beveiliging die dat ongemak naar buiten knikkert. Een beveiligd systeem is dus een must. OVERAL. Niet alleen in mijn lijfje.  Een ander woord voor beveiling is ook wel Defensie :p Ik dwaal af.

Mijn hoestje dus. Vroeger, toen ik nog jong en sterk was, had ik een goed werkend afweersysteem. Elk hoestje, dat in mij de kop opstak, werd zonder pardon aangevallen, onthoofd en  veranderd in een zielig hoopje slijm dat uitgekotst werd. Dat uitkotsen is nogal overdreven hoor. Tis maar om aan te geven dat dat een ongewenst hoestje was. Ik was in ieder geval van dat ongemakkelijk hoestje verlost. Nu echter, blijft dat hoestje hangen. Om dáár vanaf te komen, is een bezoekje aan het ziekenhuis gewenst.

Eerst wil men onderzoek doen natuurlijk. Want dat hoestje, is misschien wel een ongewoon hoestje. Een hoestje dat zwaarder geschut vereist.  Zo'n ziekenhuis is dan ook net als de NATO. Wat ik niet in huis heb, hebben ze daar waarschijnlijk wel.  Nu zit ik weer even af te wachten. Wat het resultaat is van die onderzoekjes.

Zo af en toe krijg ik de opmerking  dat ik o zo positief ben over al hetgeen ik krijg. Over al hetgeen mij overkòmt.
Ik heb er zo eens over nagedacht en..... Ik ben helemaal niet zo positief!
Ik heb alleen geen tijd om schrik (=angst) te hebben. Ik moet door. Er is altijd wel iets waar ik geen verstand van heb en waar mèn vindt dat ik er wèl verstand van moét hebben. Dat mèn, is dan mijn(direkte) omgeving òf ikzelf..

Moest ik eerst verstand hebben van de prostaatkanker, de behandelingen, het bloggen,  het ziekteverloop, de UWV, de Wet Poortwachter, de (parttime)inzetbaarheid, de beloning van de inzetbaarheid, het hoestje, de behandelingen van dat hoestje, al dan niet trainen.

Trainen? Tuurlijk trainen! Maar met welke intensiteit, wat voor voeding .
Ga zo maar door. Ik sta niet stil. Dat kan ook niet. Ik moet dat ook gaan vastleggen. Anders gaat die kennis verloren wanneer ík besluit heen te gaan. En dat willen we niet, toch?




Een goede vriend van me zei een tijdje geleden dat ik Milder geworden ben. Milder! wat is dat eigenlijk? In het engels: 
gentle and not easily provoked. Ik ben dus een watjes-lombok aan het worden en neem afscheid van het Tjabe Rawit zijn. (Voor de witte mens: Voor JULLIE is lombok een Spaanse peper. Om het makkelijk te maken.: De  Spaanse peper vindt zijn oorsprong  in Midden-Amerika. Voor de INDO: Een goeie LOMBOK is pedis! Een Tjabe Rawit al helemaal!)

Hm, ik mag dat wel dat milder. Dat klinkt goed en eerlijk gezegd, mijn ouwe goede vriend heeft gelijk (sorry voor dat ouwe, Bob!). Ik ben inderdaad wat milder geworden. Maar niet voor dat hoestje en zeker niet voor die tumor! Eruit als dat kan! En wel nu!  Wat denken ze! Dat ze zomaar op mijn kosten in míjn lijfje mogen zitten? Echt niet!




Dat wat betreft mijn mildere kant. Ik schei ermee uit, met dat bloggen nu. Eerst koffie en dan weer verder. Ik leer wat af :p



ps. Mocht het een en ander wat onsamenhangend op uw gestructueerde hersentjes overkomen: U heeft gelijk, Nu, verdwijn uit mijn gezichtsveld! Ik wil van de tuin genieten. Met volle teugen!
K*TPAAL!



Dieptevrees

Er zijn van die dagen, dan wil ik in het gras liggen, naar boven kijken. Naar die witte wolken en diepblauwe hemel daarachter.
Dan beeld ik me in dat ik ga vallen.  Naar boven. Langs die wolken, het diepblauwe tegemoet. Maar dan opeens krijg ik rillingen. Ik heb hoogtevrees. Het duizelt me. Weer terug op aarde, in het gras, sta ik op. Nog steeds wat duizelig. Verdorie, dat was een hele rit! En dan, ga ik me afvragen. Waarom werd ik duizelig? Ik lag met mijn rug op de grond, notabene! Dus hoogtevrees kan het niet zijn. Dieptevrees! Dat moet het wezen! Volgens geleerde koppen is dieptevrees een subvorm van hoogtevrees. Ammehoela! ik heb dieptevrees. Punt! Maar, wanneer ik recht voor me uit kijk of naar beneden, de diepte in, en ik sta gewoon, dan heb ik nergens last van. Het doet zich alleen voor als ik naar boven kijk. Dan val ik om. Of ik nu lig of sta of hang of...... Ik val gewoon om. Met een gevoel van duizelig zijn. Ik heb dus een afwijkende vorm van dieptevrees. Of hoogtevrees, zo U wilt.
 
Vrees voor m'n tumor heb ik niet. Dus ik heb geen tumorvrees. En juist voor die tumor moet ik vrees hebben. Want die tumor kan een einde maken aan mijn leven. Dan heb ik in ieder geval geen hoogtevrees en/of dieptevrees meer. 
 
Als ik later een engel ben (want dat word ik) dan kijk ik niet richting hemel, naar boven dus. Want dan val ik van mijn wolkje. Nee, ik kijk naar beneden. Als ik al kijk. En heel af en toe zweef ik naar beneden. Om iemand tegen z'n of heur kop te tikken. Gewoon. Dat is leuk. En dan haast ik me weer naar m'n wolkje en speel wat op m'n harpje. Of fluitje. Of ukelele, En dan denk ik, een beetje weemoedig aan die dagen dat ik op m'n rug kon liggen. In het gras. Als levend mens. Naar boven turend. Misschien heb ik als engel helemaal geen hoogtevrees meer, of dieptevrees. Ik heb die vleugels niet voor niets op m'n rug :p 

donderdag 1 juni 2017

Prostaatkanker hèb je niet alleen, toch?


Vandaag is het thema bij de prostaatkankermeeting in de Eik: Prostaatkanker heb je niet alleen
Hoewel ik me voorgenomen heb vandaag  niet deel te nemen, gezien de buikgriep/verkoudheid, spreekt het thema me wel aan. Ik denk dat ik, gezien mijn ervaringen van de laatste tijd, wel het een en ander heb in te brengen. Terecht of onterecht. Maar, ik moet niet uit het oog verliezen, dat het míjn gevoel is wat meespeelt. Míjn gevoel en van niemand anders!


De (harde) waarheid is, dat je directe omgeving óók de kanker heeft. Via jou. Of op z'n minst, heeft de directe omgeving het gevóel mede slachtoffer te zijn. Maar, dan moeten ze er NIET voor weglopen of hun kop in het zand steken.    
   
Echter, misschien, vertoon ook ík zulk een gedrag. Als je mij vraagt hoe het met mijn kanker is, bagatelliseer (iets als onbeduidend voorstellen) ik veelal wat ik voel en hoe ik me voel. Dat schept een vertekend beeld bij de geinteresseerde. Wat heb ik er dus van geleerd? Ik heb geleerd dat niet meer te doen, dat bagatelliseren. Met het gevaar dat mij niks meer over mijn kanker gevraagd wordt. Want dan kríjgen  ze toch een hoop bagger over zich heen. Dat hebben ze niet verdiend, vindt men. Dáár hebben ze niet om gevraagd. Dus, wat is wijsheid. Wèglopen of bagatelliseren.


Of..... een juiste inschatting maken van wie wat vraagt :p


Dus....bij wie ligt de bal? Juist.


Al met al ligt de verantwoordelijk bij JOU. Het is immers jóuw kanker? Heeft men erom gevraagd dat jíj kanker krijgt? Nou dan. Jíj, op jouw beurt, hebt daar óók niet om gevraagd. Maar wie bóeit dat nu? Jij hebt dus de touwtjes in handen. Jíj bepaalt hoe en wanneer ánderen geinformeerd worden over jóuw situatie. Klinkt logisch. Net zo logisch als dat jouw hoofd er niet naar staat om zulke activiteiten te ondernemen.


Zie het als in voetbal. Zolang jíj niet aangeeft waar en hoe de bal gespeeld moet worden, doet die bal niet wat jij wilt. Ik maak meteen een kanttekening: Niet iedereen is een spelbepaler. Maar, ben jij er wèl een? Dan moet je niet mauwen wanneer het niet zo loopt, als jij víndt dat het zou moeten lopen.
Onderneem actie! Elke ondernemer weet, dat niet alle acties tot gewenst resultaat leidt. Nóg 'n keer ondernemen dus!    

zaterdag 13 mei 2017

Normen en Waarden

Je ziet ze steeds vaker opkomen. Woorden als Respect, Normen, Waarden. En dan vraag je je af, Waarom is dat zo? Is er dan zoveel veranderd dat men moet herhalen dat er ook nog zoiets is als Respect, Normen en Waarden?



Vroeger, moest ik altijd wat smalend glimlachen bij het woord Generatiekloof. Generatiekloof? Hoezo? Wat begrijpen die oudjes nu weer niet.


Ohoh! Dáár heb je het al. Wat begrijpen die oudjes nu weer niet.... Misschien begreep ík tóen niet waaróm die oudjes van tóen niet begrépen wat die jongeren van tóen bedóelden.




Waarschijnlijk, waren die jongeren van toen, niet in staat, op de juiste manier te communiceren met die ouderen van toen. Want communicatie, verbaal of nonverbaal, is kei-belangrijk. Wanneer een van de partijen iets niet begrijpt, ligt dat ten dele aan die partij natuurlijk. Maar vooral moet de oorzaak gevonden worden bij de partij die iets uit te leggen meent te hebben.


Men moet er niet van uit gaan dat de ánder, de één begrijpt. Want dat is per definitie niet zo. 
Wéét met wie je communiceert en vertel, wat jíj wilt, dat de ander volgens jou te weten moet komen. En communiceer dát dan ook op een manier, zodat de ander ook echt begríjpt wat jij bedoelt.


Dan toon je in ieder geval Respect. Men zal de wijze van communicatie als Norm hanteren en er een hoge Waarde aan geven.


PS. Onthoudt bovenstaande wanneer je onverhoopt in de situatie mocht komen dat je met iemand wilt gaan communiceren met een licht getinte huidskleur en een (Noord) Afrikaans uiterlijk Bovendien wekt de persoon de schijn niet verder te kunnen/willen komen dan het woord "Warrom" in vragende vorm, meestal gevolgd door "kaaik jaai maai an!". Welnu, om dáár een antwoord op te geven: Het is in ónze cultuur gebruikelijk dat men elkaar in de ogen kijkt indien men enige vorm van communicatie wenst op te starten. Net als handje geven en herkenbaar(!) over straat lopen. Dat zijn Normen met hoge Waarden. Als je je hier aan kunt houden, toon je ook nog eens Respect voor de cultuur waar jij, in eerste instantie, als gast gezien wordt. Ik begrijp ook, dat er landen zijn, hele culturen zelfs, waar je op straat meer geiten, schapen en/of runderen tegenkomt dan mensen. Ja dan wil ik ook best begrijpen dat handje schudden en herkenbaar over straat lopen niet zo'n hoge waarde heeft dan hier, in Nederland. Nederland, waar je geiten, schapen en/of runderen op daarvoor geeigende en omheinde stukken grond aantreft. En zelfs dáár  worden ze, zo af en toe, misbruikt aangetroffen! Maar dat is een ander verhaal.

zondag 7 mei 2017

ik wil ik wil ik wil

Ik zou willen dat ik niet aan de chemo hoefde. Ik zou willen dat de hormoontherapie een overbodig iets wordt. Ik zou willen dat ik die bestralingen alleen van horen zeggen ken. Ik zou willen dat Prednison er alleen voor anderen was, niet voor mij. Ik zou willen dat die Botpunctie niks opgeleverd had. Eigenlijk zou ik gewoon willen dat ik gezond ben.

Ik zou willen, dat ik me niet hoef te verdiepen in de Wet Poortwachter en re-integratie proces. Dat ik gewone zorg kan afnemen in plaats van Palliatieve zorg. Dat ik normaal kan blijven ademen. Dat m'n conditie op peil was. Dat ik me geen zorgen hoef te maken over Pensioen tekort, over de Lease-auto, over hoe we rond moeten komen binnenkort. Dat we gewoon 'zorgeloos' door kunnen bolderen.

Hoewel ik van mening ben dat 'Zorgenloos'  niet bestaat.  Zorgen zal je altijd hebben. Sommigen wat meer dan de ander. Maar uiteindelijk, zijn de zorgen zo groot als jij ze maakt.
Voor elke zorg is er wel een oplossing. Misschien vindt je 'n bepaalde oplossing niet leuk, maar het is een oplossing :p

Als ik gezond zou zijn, zou ik me waarschijnlijk over andere zaken zorgen gemaakt hebben. Misschien zijn die zorgen over de kanker ook niet eens zo erg. Ik weet wel waar ik aan toe ben nu. Dat is een voordeel. Ik weet nu ook wat opvliegers (hot flashes) zijn, ik weet nu ook wat krachtverlies inhoudt. Ik weet nu ook weer wat kortademig zijn met je doet. Wat het is wanneer je je evenwicht zoekt. Ook weet ik wat het is om zo af en toe depressief te zijn.

Van al die dingen die ik genoemd heb moet ik de andere kant ook leren kennen. Die andere kant kan het positieve of negatieve van iets zijn. Want, als je het positieve van iets niet kent, hoe weet je dan wat het negatieve is? En andersom, wanneer je het negatieve van iets niet kent, hoe weet je dan, of dat iets, positief is? En dat positieve en negatieve, zijn heel rekbare begrippen. Wat voor jou positief is, is voor de ander misschien wel negatief. En andersom. Het is net als met waarheden. Wat voor jou DE waarheid is, is voor de ander misschien wel een leugen.


Waar het eigenlijk (weer) om draait is Respect. Heb respect voor de een zijn toestand. Want elke toestand heeft een positieve en een negatieve zijde. Elke toestand heeft zo zijn waarheid of waarheden. Tis maar net hoe jij dat ziet en of jij je kan verplaatsen in een bepaald iemand of een bepaalde situatie. Kan je dat niet, nah..... dan heb je in ieder geval een gebrek.

En nu maar hopen dat een ander, zich in jouw situatie kan verplaatsen. Of je moet zo'n sterk figuur zijn dat je geen schouderklopje, geen complimentje nodig hebt. Dat kan ook natuurlijk :p

zondag 23 april 2017

Trainen, trainen, trainen...

Vandaag ga ik maar weer eens. Uit nood gedwongen zullen we maar zeggen. Het zonnetje schijnt (nog). Tis wat frisjes, maar ik MOET m'n rondje weer's gaan draaien. Waar ik het voor doe? Zeg 't maar :p


Voor de FUN moet je 't doen, hoor ik regelmatig. Dat competitieve moet er af. Vooruit dan maar. Maar, vergeet niet, juíst door dat competitieve, komt bij mij de fun hè! Als ik niet kan winnen, is voor mij de fun ver te zoeken. Als je dát maar weet. Bovendien, ik weet het, die fun is gewoon een kwestie van instelling. Ík heb al gewonnen wanneer ik aan het rondje begin. En je weet: Verliezen kan ik niet, net zo min als je van mij kunt winnen want, kijk's goed: Ik hèb al gewonnen :p


Maar goed. Dit terzijde. Mijn rondje nu. Ik noem het: 'de Krul van de Duivel'. De moelijkheid zit'm hier in. Op een gegeven moment, moet je versnellen. Sprinten zo U wilt. Het viaductje op, bovenop de A50. Meteen daarna moet je zo'n 2 à 3 kilometer de snelheid vasthouden. Dat laatste, je rijdt dan zo'n 35 in 't uur, is dan best wel een opgave.


Nu hield ik het eerst nooit  bij. Dat trainen van me. Ik won immers de meeste sprintjes? Maar nu, met die kanker en zo, nu wil ik het gaan bijhouden.


'Dat moet je in Strava doen' zei ons Mike beslist. 'Want dan,' vervolgde hij (ons Mike), 'dan kan je zien of je vooruitgang boekt. En wat leuk is, je kunt ook zien wat anderen op de totale rit of een gedeelte ervan, hebben gereden.'.  Ok, dat lijkt me best wel FUN. Chilluhh voor de jongeren onder ons ouderen.


Aldus heb ik dus mijn eerstvolgend ritje op de Krul vastgelegd, in Strava, en zie: Dáár waar gesprint werd, stond ik op de 1154e(!) plek. Achter een of ander vrouwke. Dáár gaat de fun! Een plek bij de 1e 3 had ik niet verwacht, maar 1154e! Gek genoeg is dát nu weer de drijfveer. Ik laat me weer gek maken.
De testosteron vliegt m'n oren uit! Testosteron! Ho 's ff. Testosteron is toch díe voedingsbodem voor m'n tumor?


Rustig aan sprinten dan maar, zonder al teveel agressie. Tis tenslotte tegen een virtuele tegenstander. Ik ken'm niet eens. Maar toch, 1154e plek.... dat hoeft voor mij niet. Ik kan mezelf niet eens terugvinden bij de 1e 10 in het rijtje! Dus voorlopig sprint ik tegen mezelf. Is ook leuk hoor. Alleen kan ik mezelf niet zien, horen of voelen. Ik kan mezelf alleen in gedachten (of dromen) uit het wiel rijden en zo stiekem mogelijk opschakelen. En dat met een lach, en een traan. Want niemand, vooral m'n tumor niet, mag weten dat ik testosteron aan het opsparen ben.


En dan exploderen! Of nee, gewoon geleidelijk aan versnellen. Exploderen betekent het verbranden van een hoop testosteron in een fractie van een seconde. En dát laatste, wil ik vermijden. Dus, zo geniepig als maar kan wat testosteron opbouwen en dan zo geleidelijk mogelijk van die testosteron afscheid nemen. Dát is het recept, wanneer ik, op dit moment, van mezelf wil winnen.


Mezelf kan ik wel voor de gek houden, maar die lilleke agressieve tumor van mij??

vrijdag 14 april 2017

Geboren worden en Doodgaan


Geboren worden en Doodgaan. Twee totaal verschillende zaken zou je denken. Echter, in 'geboren worden' en 'doodgaan' zie je al wat er gaat gebeuren. Maar goed, als je geboren wordt, KOM je ergens, je wordt wellicht ontvangen door je vader , je moeder, de medische staff  en, als die er al zijn,  je zussen of je broers.
Ga je dood dan is dit bijna hetzelfde. Met dat verschil, dat je dan GAAT. Wellicht wordt je uitgezwaaid door je broers en zussen, mochten die er (nog) zijn en misschien ook je vader en je moeder (mochten die er ook nog zijn) en net zo misschien, een medische staff.
Dit alles is wat we weten. Dit zijn feiten.
Je WORDT geboren en je GAAT dood. Dat is overigens de enige zekerheid in leven: Je gaat op een gegeven moment gewoon dood. Punt.
Maar, er zijn ook overeenkomsten tussen geboren worden en doodgaan. Je komt alleen en je gaat alleen, je wordt ontvangen of je wordt uitgezwaaid.

Wat we echter niet weten is, dat wanneer je geboren wordt, of je dan ook uitgezwaaid wordt. En wanneer je sterft, dat je dan ook ontvangen wordt.

Sommigen onder ons, kunnen niet wachten tot ze dood zijn, want er staan (of liggen)  tig maagden op ze te wachten, denken ze. Dat weten ze niet. Dat hopen ze, maar dat weten ze niet. Net zoals wij niet weten wat er te gebeuren staat  indien wij doodgaan. Vandaar misschien dat avontuurlijk gevoel wanneer je sterft, of misschien krijg je wel een angstgevoel. Ook lekker. Want je gaat het grote onbekende tegemoet treden. Maar, dat deed je toen je geboren werd ook. En, weet je of je toen werd uitgezwaaid?

Een lichaam is een omhulsel, een soort van voertuig.  Dat is de algemene gedachte. Als je dood gaat, verlaat je geest het lichaam. Amen. Althans, dat denken wij.

Maar als je geboren wordt. Hoe zit dat dan? Krijgt de geest dan de sleutels om het lijf op te starten wanneer het geboren wordt? Voordat hij of zij een verschrikkelijke (pedagogische) tik op de billen heeft gekregen? "Ja! De bestuurder is er! We kunnen verder!" of "Hey, hij of zij is er nog niet. Nog eens meppen dan!".
Hoe dan ook, wanneer je geboren wordt weet je niet of je uitgezwaaid wordt en als je sterft weet je niet of je ontvangen wordt. Hersenen schijnen alles vast te leggen. Alles. Maar niemand heeft aan kunnen tonen wat er bij de geboorte zoal gebeurd. En dus kan je je afvragen wat het tijdstip was dat je toetrad in het lichaam(pje). Was dat , toen je die tik op de billen kreeg of was dat net ervoor. Wie het weet mag het zeggen.

Overigens, over dat uitzwaaien kan je je lichtelijk zorgen maken. Want zwaaien je ze uit met handbewegingen die gaan van links naar rechts of van rechts naar links? Of, wordt je uitgezwaaid met handbewegingen van voren naar achter of van achter naar voren?